© 2013 - 2015  Buro BOV | softwareontwikkeling

home - vorige - volgende

home - vorige - volgende

Afdeling 4.4 - Bereikbaarheid en toegankelijkheid, nieuwbouw

Doel

Het voldoende bereikbaar, toegankelijk en integraal toegankelijk (waaronder te verstaan toegankelijk voor iedereen, dus ook voor rolstoelgebruikers) zijn van ruimten in een gebouw en het in een woongebouw kunnen vervoeren van mensen met een brancard, het elkaar in tegengestelde richting kunnen passeren en het kunnen verplaatsen van grote meubelstukken.

Bepalingsmethode


Terminologie & afkortingen

  • bouwconstructie: constructieonderdeel dat is bestemd om belastingen te dragen;
  • brancardlift: lift die is afgestemd op het vervoer van een persoon met een brancard;
  • breedte vrije doorgang: de afstand in horizontale richting tussen twee bouwdelen;
  • doorgang: toegang, uitgang of doorlaatopening voor personen van een bouwwerk of van een gedeelte daarvan;
  • hefplateaulift; een vast opgesteld werktuig in gebouwen of bouwwerken dat bepaalde stopplaatsen van een gebouw of bouwwerk bedient, met behulp van een plateau en geen lift is in de zin van het Bouwbesluit 2012;
  • hoogte vrije doorgang: de afstand in verticale richting tussen twee bouwdelen, waarbij een leuning buiten beschouwing blijft;
  • integraal toegankelijke badruimte: badruimte die in een toegankelijkheidssector ligt;
  • integraal toegankelijke toiletruimte: toiletruimte die in een toegankelijkheidssector ligt;
  • lift: een vast opgesteld werktuig in gebouwen of bouwwerken dat bepaalde stopplaatsen van een gebouw of bouwwerk bedient, met behulp van een kooi die langs vaste, ten opzichte van het horizontale vlak meer dan 15 graden hellende leiders beweegt, en die bestemd is voor vervoer van personen (artikel 1, onder c, van het Warenwetbesluit liften);
  • lifttoegang: doorgang van een liftschacht voor het bereiken van een kooi van een lift;
  • meetniveau: hoogte van het aansluitende terrein gemeten ter plaatse van de toegang van het gebouw;
  • platformlift: andere naam voor hefplateaulift;
  • toegankelijkheidssector: voor personen met een fysieke functiebeperking zelfstandig bruikbaar en toegankelijk gedeelte van een gebouw (afgestemd op rolstoelgebruikers);
  • verkeersroute: route die begint bij een doorgang van een ruimte, uitsluitend voert over vloeren, trappen en hellingbanen en eindigt bij de doorgang van een andere ruimte.

Samenhang met andere artikelen

Afdeling 2.10 - Beperking van uitbreiding van brand
Bij een eventuele brand de kans tot ernstige gevolgen tot een aanvaardbaar minimum te beperken.

Afdeling 2.12 - Vluchtroutes
Vluchten vanuit een ruimte waarvan het kenmerkende gebruik is verbonden met de aanwezigheid van personen.

Afdeling 4.2 - Toiletruimte
Het voorzien in toiletmogelijkheden voor mensen die  langer dan een uur aanwezig zijn.

Afdeling 4.3 - Badruimte, nieuwbouw
Het voorzien in wasgelegenheid voor mensen die overnachten.

Afdeling 6.7 - Bestrijden van brand, nieuwbouw en bestaande bouw
Het aanwezig zijn van voorzieningen om de brand te bestrijden.

Afdeling 6.8 - Bereikbaarheid voor hulpverleningsdiensten, nieuwbouw en bestaande bouw
Bereikbaarheid door hulpverleningsdiensten.

Artikel 4.21 - Aansturingsartikel

tabel 4.21 - toelichting

Lid 1

Een doorgang heeft een vrije breedte van ten minste 0,85 m en ten minste de in tabel 4.21 aangegeven vrije hoogte. Dit geldt voor een doorgang naar:

  • een verblijfsgebied;
  • een verblijfsruimte;
  • een toiletruimte als bedoeld in de artikelen 4.9 en 4.25;
  • een badruimte als bedoeld in de artikelen 4.18 en 4.25;
  • een bergruimte als bedoeld in artikel 4.31;
  • een buitenruimte als bedoeld in artikel 4.35, en
  • een ruimte voor het bereiken van een lift.

Dit geldt ook voor een doorgang op een route vanaf het aansluitende terrein naar een in dit lid bedoelde ruimte.

protocol

Lid 2

Een lifttoegang heeft een vrije breedte van ten minste 0,85 m en een tussen de onderdelen van de bouwconstructie gemeten hoogte van 2,3 m.

protocol

Artikel 4.29 - Verbouw

toelichting

tabel 4.21 - toelichting -

Artikel 4.22 - Vrije doorgang

toelichting

Lid 1

Een te bouwen bouwwerk heeft voldoende bereikbare en toegankelijke ruimten.

Lid 2

Voor zover voor een gebruiksfunctie in tabel 4.21 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften.

Lid 3

Het eerste lid is niet van toepassing op de gebruiksfuncties waarvoor in tabel 4.21 geen voorschrift is aangewezen.

Lid 1

Een verkeersroute die begint bij een doorgang als bedoeld in artikel 4.22, loopt door een ruimte met een vrije breedte van ten minste 0,85 m en ten minste de in tabel 4.21 aangegeven vrije hoogte. Dit geldt niet voor zover de verkeersroute over een trap voert.

protocol

Lid 2

Indien de in het eerste lid bedoelde ruimte een gemeenschappelijke verkeersruimte is, is de vrije breedte ten minste 1,2 m. Dit geldt niet voor zover de verkeersroute over een trap voert.

protocol

Lid 3

Een toegang van een woongebouw als bedoeld in artikel 4.27 ontsluit een gemeenschappelijke verkeersruimte die bij die toegang over een lengte van ten minste 1,5 m een vrije doorgang heeft met een breedte van ten minste 1,5 m.

protocol

Lid 4

Aan een doorgang van een liftschacht grenst een ruimte met een vloeroppervlakte van ten minste 1,5 m x 1,5 m.

protocol

Lid 5

In aanvulling op het tweede lid, heeft een gemeenschappelijke verkeersruimte, over een lengte van 1,5 m een vrije doorgang met een breedte van ten minste 1,5 m. Dit geldt niet indien een rolstoelgebruiker vanuit die verkeersruimte zonder te keren het aansluitende terrein kan bereiken.

protocol

Lid 6

Indien de in het eerste lid bedoelde ruimte in een toegankelijkheidssector ligt, is de vrije breedte ten minste 1,2 m.

protocol

Artikel 4.23 - Vrije doorgang verkeersroute

toelichting

Lid 1

Een woongebouw heeft een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector, indien:

  • de vloer van een verblijfsgebied in het woongebouw hoger ligt dan 12,5 m boven het meetniveau, of
  • het woongebouw een gebruiksoppervlakte heeft van meer dan 3.500 m² die hoger ligt dan 1,5 m boven het meetniveau.

protocol

Lid 2

In een woonfunctie voor zorg ligt ten minste een verblijfsgebied in een toegankelijkheidssector.

protocol

Lid 3

Indien de gebruiksoppervlakte van een gebruiksfunctie, tezamen met de gebruiksoppervlakte van andere in hetzelfde gebouw gelegen gebruiksfuncties waarvoor dit voorschrift geldt, groter is dan 400 m², ligt het in
tabel 4.21 aangegeven deel van de vloeroppervlakte aan verblijfsgebied van de gebruiksfunctie in een toegankelijkheidssector.

protocol

Lid 4

Indien de gebruiksoppervlakte van een gebruiksfunctie, tezamen met de gebruiksoppervlakte van andere in hetzelfde gebouw gelegen gebruiksfuncties waarvoor dit voorschrift geldt, groter is dan 250 m² ligt het in tabel 4.21 aangegeven deel van de vloeroppervlakte aan verblijfsgebied van de gebruiksfunctie in een toegankelijkheidssector en ligt 5% van de logiesverblijven, op een geheel getal naar boven afgerond in een toegankelijkheidssector.

protocol

Lid 5

Voor zover de in het vierde lid bedoelde gebruiksfunctie een bijeenkomstfunctie is voor het aanschouwen van sport, film, muziek of theater of een bijeenkomstfunctie die een nevenfunctie is van een kantoor- of industriefunctie, ligt 40% van de vloeroppervlakte aan verblijfsgebied in een toegankelijkheidssector.

protocol

Lid 6

Een bijeenkomstfunctie voor alcoholgebruik met een gebruiksoppervlakte van meer dan 150 m² heeft een toegankelijkheidssector.

protocol

Artikel 4.24 - Aanwezigheid toegankelijkheidssector

toelichting

Lid 1

Een gebruiksfunctie met een toegankelijkheidssector als bedoeld in artikel 4.24 heeft ten minste een integraal toegankelijke toiletruimte.

protocol

Lid 2

Een gebruiksfunctie met een toegankelijkheidssector als bedoeld in artikel 4.24 heeft een aantal integraal toegankelijke toiletruimten van ten minste het aantal toiletruimten als bedoeld in artikel 4.9, gedeeld door de in tabel 4.21 aangegeven waarde, op een geheel getal naar boven afgerond.

protocol

Lid 3

Een gezondheidszorgfunctie met een bedgebied heeft ten minste een integraal toegankelijke badruimte per 500 m² vloeroppervlakte aan bedgebied, op een geheel getal naar boven afgerond.

protocol

Lid 4

Een gebruiksfunctie met een toegankelijkheidssector als bedoeld in artikel 4.24 heeft een aantal integraal toegankelijke badruimten van ten minste de getalswaarde van het aantal aanwezige badruimten gedeeld door 20, op een geheel getal naar boven afgerond.

protocol

Lid 5

Een integraal toegankelijke badruimte mag zijn samengevoegd met een integraal toegankelijke toiletruimte.

protocol

Artikel 4.25 - Integraal toegankelijke toilet- en badruimte

toelichting

Lid 1

Een ruimte die in een toegankelijkheidssector ligt, is rechtstreeks bereikbaar vanaf het aansluitende terrein of langs een verkeersroute die uitsluitend door een toegankelijkheidssector voert.

protocol

Lid 2

Ten minste een toegang van een toegankelijkheidssector die rechtstreeks bereikbaar is vanaf het aansluitend terrein is de hoofd-toegang van het gebouw.

protocol

Lid 3

Een verkeersroute als bedoeld in het eerste lid, voert niet door een niet-gemeenschappelijke ruimte van een andere gebruiksfunctie.

protocol

Lid 4

De toegang van een woonfunctie gelegen in een woongebouw met een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector als bedoeld in artikel 4.24, eerste lid, grenst aan een gemeenschappelijke toegankelijkheidssector.

protocol

Artikel 4.26 - Bereikbaarheid toegankelijkheidssector

toelichting

Lid 1

Op ten minste een route tussen een punt in een toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is een hoogteverschil groter dan 0,02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een lift of een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen de op die route gelegen toegang van de toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is niet groter dan 1 m.

protocol

Lid 2

Op ten minste een route tussen de vloer ter plaatse van de toegang van een woongebouw zonder een toegankelijkheidssector en het aansluitende terrein is een hoogteverschil groter dan 0,02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen die toegang en het aansluitende terrein is niet groter dan 1 m.

protocol

Lid 3

Bij ten minste een toegang van een woonfunctie is een hoogteverschil op de route tussen een niet-gemeenschappelijke vloer en de aangrenzende vloer van een gemeenschappelijke verkeersruimte of het aansluitende terrein groter dan 0,02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een hellingbaan. Het hoogteverschil tussen die toegang en het aansluitende terrein of de gemeenschappelijke verkeersruimte is niet groter dan 1 m.

protocol

Lid 4

Op ten minste een route tussen ten minste een uitgang van een woonfunctie en een gemeenschappelijke buitenruimte als bedoeld in artikel 4.35, tweede lid, is een hoogteverschil groter dan 0,02 m, gemeten vanaf de afgewerkte vloer, overbrugd door een lift of een hellingbaan.

protocol

Lid 5

Een woongebouw waarin de vloer ter plaatse van de toegang van een woonfunctie hoger ligt dan 3 m boven het meetniveau, heeft op elke bouwlaag een opstelplaats voor een lift, met een liftkooi van ten minste 1,05 m x 2,05 m.

protocol

Artikel 4.27 - Hoogteverschillen

toelichting

Lid 1

De kooi van een lift als bedoeld in artikel 4.27, eerste lid, heeft een vloeroppervlakte van ten minste 1,05 m x 1,35 m.

protocol

Lid 2

In afwijking van het eerste lid heeft de kooi van een lift in een woongebouw met meer dan 6 woonfuncties een vloeroppervlakte van ten minste 1,05 m x 2,05 m.

protocol

Lid 3

De loopafstand tussen de toegang van een woonfunctie en de toegang van ten minste een lift als bedoeld in het eerste lid is ten hoogste 90 m. Indien het tweede lid van toepassing is, wordt de loopafstand bepaald tussen de toegang van de woonfunctie en de toegang van ten minste een in het tweede lid bedoelde lift.

protocol

Artikel 4.28 - Afmetingen liftkooi

toelichting


Op het gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn de artikelen 4.22 tot en met 4.28 van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van het in die artikelen aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau.

protocol