© 2013 - 2015  Buro BOV | softwareontwikkeling

home - vorige - volgende

home - vorige - volgende

Afdeling 2.9 - Beperking van het ontwikkelen van brand en rook

Doel

De kans dat bij een eventuele brand deze zich in een binnen- of buitenruimte kan voortplanten en de rookproductie als gevolg van die brand in een binnenruimte kan binnendringen, tot een aanvaardbaar risico voor het kunnen vluchten beperken.

Bepalingsmethode

NEN-EN 13501-01, NEN 1775, NEN 6063, NEN 6065 en NEN 6066

Terminologie & afkortingen

  • brandgevaarlijk dak: een dak dat bij blootstelling aan vliegvuur binnen 2 uur gevaar voor brand geeft; dit wordt bepaald volgens NEN 6063;
  • brandgevaarlijke stof: vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brand bevorderend is; of bij brand gevaar oplevert. in de zin van de ADR-klassen 2 tot en met 5;
  • brandklasse: Europese brandklasse als bedoeld in NEN-EN 1305-01 (zie tabel 2.15 voor de verschillende brandklassen die in het Bouwbesluit voor komen);
  • klasse van bijdrage tot brandvoortplanting: een maatstaf voor de bijdrage dat een naar een ruimte toegekeerde zijde van een brandend constructieonderdeel geeft aan de uitbreiding van brand, beproefd en geclassificeerd volgens NEN 6065 en NEN 1775 bij een niet-beloopbaar, respectievelijk een beloopbaar oppervlak (alleen voor bestaande bouw);
  • meetniveau: hoogte van het aansluitend terrein gemeten ter plaatse van de toegang van het gebouw;
  • niet-brandgevaarlijk dak: een dak dat, bij beproeving volgens NEN 6063, bij blootstelling aan vliegvuur binnen 2 uur geen gevaar voor brand geeft; beproeving mag achterwege blijven als het dak voldoet aan tabel 2.14;
  • perceelgrens: de grens van een perceel;
  • rookdichtheid: een maatstaf voor de rookproductie beproefd volgens NEN 6066 (alleen voor bestaande bouw);
  • rookklasse: Europese rookklasse als bedoeld in NEN-EN 1305-01;
  • voor personen bestemde vloer: vloer waarvan het kenmerkend gebruik verbonden is met de aanwezigheid van personen; voorbeelden van een niet voor personen bestemde vloer zijn een vloer van een vliering en van een technische ruimte; daarentegen wordt de vloer van een bij een woning behorende bergruimte wel beschouwd al een voor personen bestemde vloer.

Samenhang met andere artikelen

Afdeling 2.10 - Beperking van uitbreiding van brand
Bij een eventuele brand de kans tot ernstige gevolgen tot een aanvaardbaar minimum te beperken.

Afdeling 3.5 - Wering van vocht
Het voorkomen dat de atmosfeer in een ruimte bestemd voor personen langdurig vochtig is met schimmelvorming als gevolg.

Lid 1

Een te bouwen bouwwerk is zodanig dat brand en rook zich niet snel kunnen ontwikkelen.

Lid 2

Voor zover voor een gebruiksfunctie in tabel 2.66 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften en de krachtens die bepalingen gegeven voorschriften.

Artikel 2.66 - Aansturingsartikel

Artikel 2.68 - Buitenoppervlak

Lid 1

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de buitenlucht voldoet aan de in tabel 2.66 aangegeven brandklasse, bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Lid 2

Het deel van een zijde van een constructieonderdeel dat grenst aan de buitenlucht en hoger ligt dan 13 m, voldoet aan brandklasse B, bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Lid 3

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de buitenlucht, van een bouwwerk waarvan een voor personen bestemde vloer ten minste 5 m boven het meetniveau ligt, voldoet vanaf het aansluitende terrein tot een hoogte van ten minste 2,5 m aan brandklasse B, bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Lid 4

Het eerste tot en met derde lid zijn niet van toepassing op de bovenzijde van een dak.

protocol

Lid 5

In afwijking van het eerste tot en met derde lid voldoet een deur, een raam, een kozijn en een daaraan gelijk te stellen constructieonderdeel aan brandklasse D, bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Artikel 2.69 - Beloopbaar vlak

Lid 1

In afwijking van artikel 2.67 geldt voor de bovenzijde van een vloer, een trap en een hellingbaan die grenst aan de binnenlucht rookklasse s1fl en de in tabel 2.66 aangegeven brandklasse, beide bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Lid 2

Een afscheiding als bedoeld in artikel 2.17, tweede of derde lid, heeft een hoogte van ten minste 0,85 m, gemeten vanaf de voorkant van de tredevlakken of vanaf de vloer van de hellingbaan.

protocol

Lid 1

De bovenzijde van een dak van een bouwwerk is, bepaald volgens NEN 6063, niet brandgevaarlijk. Dit geldt niet indien het bouwwerk geen voor personen bestemde vloer heeft die hoger ligt dan 5 m boven het meetniveau, en de brandgevaarlijke delen van het dak ten minste 15 m vanaf de perceelsgrens liggen. Indien het perceel waarop het bouwwerk ligt, grenst aan een openbare weg, openbaar water, openbaar groen, of een perceel dat niet is bestemd voor bebouwing of voor een speeltuin, een kampeerterrein of opslag van brandgevaarlijke stoffen of van brandbare niet milieugevaarlijke stoffen wordt die afstand aangehouden tot het hart van de weg, dat water, dat groen of dat perceel.

protocol

Lid 2

Het eerste lid geldt niet voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van ten hoogste 50 m².

protocol

Artikel 2.71 - Dakoppervlak

Artikel 2.70 - Vrijgesteld

Lid 1

Op ten hoogste 5% van de totale oppervlakte van de constructieonderdelen van elke afzonderlijke ruimte, waarvoor volgens de artikelen 2.67 tot en met 2.69 een eis geldt, is die eis niet van toepassing.

protocol

Lid 2

Onverminderd het eerste lid is op ten hoogste 10% van de totale oppervlakte van de constructieonderdelen van elke afzonderlijke ruimte waardoor geen beschermde vluchtroute voert, artikel 2.67 niet van toepassing.

protocol

Lid 3

Voor bouwwerken geen gebouw zijnde is op ten hoogste 5% van de totale oppervlakte van de constructieonderdelen, waarvoor volgens de artikelen 2.67 tot en met 2.69 een eis geldt, die eis niet van toepassing.

protocol

Artikel 2.73 - Verbouw

Lid 1

Op het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn de artikelen 2.67, 2.68, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 2.69 en 2.71 van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van het in die artikelen aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau.

Lid 2

In afwijking van het eerste lid wordt bij het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of vergroten van een bouwwerk bij toepassing van artikel 2.67, eerste lid, niet uitgegaan van het rechtens verkregen niveau.

tabel 2.66 - tabel 2.75 - toelichting -

tabel 2.66 - toelichting

toelichting

toelichting

toelichting

toelichting

toelichting

Artikel 2.67 - Binnenoppervlak

Lid 1

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht voldoet aan de in tabel 2.66 aangegeven brandklasse en aan rookklasse s2, beide bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

protocol

Lid 2

In afwijking van het eerste lid, geldt de eis aan de rookklasse uitsluitend bij een beschermde vluchtroute.

protocol

toelichting

Artikel 2.72 - Constructieonderdeel


Bij ministeriële regeling kunnen voorschriften worden gesteld ter beperking van het ontwikkelen van brand en rook in een constructieonderdeel.

protocol

toelichting

Artikel 2.74 - Tijdelijke bouw


Op het geheel of gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn de artikelen 2.67, 2.68, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 2.69 en 2.71 van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van het in die artikelen aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau.

toelichting

Lid 1

Een bestaand bouwwerk is zodanig dat brand en rook zich niet snel kunnen ontwikkelen.

Lid 2

Voor zover voor een gebruiksfunctie in tabel 2.75 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften.

Artikel 2.75 - Aansturingsartikel

tabel 2.75 - toelichting

Artikel 2.80 - Toepassing Euroklassen


Bij toepassing van de artikelen 2.76 tot en met 2.78 kan in plaats van:

  • brandklasse 1 en bepaald volgens NEN 6065 worden uitgegaan van brandklasse B bepaald volgens NEN-EN 13501-1;
  • brandklasse 2 bepaald volgens NEN 6065 in een besloten ruimte worden uitgegaan van brandklasse B en in een niet besloten ruimte van brandklasse C beide bepaald volgens NEN-EN 13501-1;
  • brandklasse 3 bepaald volgens NEN 6065 worden uitgegaan van brandklasse C bepaald volgens NEN-EN 13501-1;
  • brandklasse 4 bepaald volgens NEN 6065 worden uitgegaan van brandklasse D bepaald volgens NEN-EN 13501-1;
  • brandklasse T1 bepaald volgens NEN 1775 worden uitgegaan van brandklasse Cfl, bepaald volgens NEN-EN 13501-1;
  • brandklasse T3 bepaald volgens NEN 1775 worden uitgegaan van brandklasse Dfl, bepaald volgens NEN-EN 13501-1, en
  • een rookproductie met een rookdichtheid van ten hoogste 10 m-1 of 5,4 m-1 bepaald volgens NEN 6066 worden uitgegaan van rookklasse s2 bepaald volgens NEN-EN 13501-1.

toelichting

Lid 1

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht heeft een volgens NEN 6065 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting, die voldoet aan de in tabel 2.75 aangegeven brandklasse en een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 10 m-1.

Lid 2

In afwijking van het eerste lid heeft een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht in een besloten ruimte waardoor een beschermde route voert een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 5,4 m-1.

Lid 3

In afwijking van het eerste lid heeft een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht in een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 5,4 m-1.

Lid 4

In afwijking van het eerste lid heeft een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de binnenlucht in een cel een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 5,4 m-1.

Artikel 2.76 - Binnenoppervlak

toelichting

Lid 1

Op ten hoogste 5% van de totale oppervlakte van de constructieonderdelen van elke afzonderlijke ruimte, waarvoor volgens de artikelen 2.76 tot en met 2.78 een eis geldt, is die eis niet van toepassing.

Lid 2

Voor bouwwerken geen gebouw zijnde is op ten hoogste 5% van de totale oppervlakte van de constructieonderdelen, waarvoor volgens de artikelen 2.76 tot en met 2.78 een eis geldt, die eis niet van toepassing.

Artikel 2.79 - Vrijgesteld

toelichting

Lid 1

Een zijde van een constructieonderdeel die grenst aan de buitenlucht heeft een volgens NEN 6065 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting, die voldoet aan de in tabel 2.75 aangegeven brandklasse.

Lid 2

In afwijking van het eerste lid hebben een deur, een raam, een kozijn of een daaraan gelijk te stellen constructieonderdeel een volgens NEN 6065 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting die voldoet aan klasse 4.

Lid 3

Het eerste lid geldt niet voor de bovenzijde van een dak.

Artikel 2.77 - Buitenoppervlak

toelichting

Lid 1

In afwijking van artikel 2.76 geldt voor de bovenzijde van een vloer, een trap of een hellingbaan die grenst aan de binnenlucht een volgens NEN 1775 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting van klasse T3 en een rookproductie met een volgens NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 10 m-1.

Lid 2

In afwijking van artikel 2.77 geldt voor de bovenzijde van een vloer, trap of een hellingbaan die grenst aan de buitenlucht een volgens NEN 1775 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting van klasse T3.

Lid 3

In afwijking van het eerste en tweede lid geldt voor de bovenzijde van een vloer, een trap of een hellingbaan waarover een extra beschermde vluchtroute voert een volgens NEN 1775 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting van klasse T1.

Artikel 2.78 - Beloopbaar vlak

toelichting