© 2013 - 2015  Buro BOV | softwareontwikkeling

home - vorige - volgende

home - vorige - volgende

Afdeling 2.10 - Brandcompartimentering

Doel

Bij een eventuele brand de kans tot een minimum beperken dat:
-  met behulp van de brandweer, de brand niet binnen redelijke tijd onder controle kan worden gebracht en niet zoveel mogelijk binnen het eigen perceel blijft; en
-  de in een ander compartiment aanwezige personen niet gedurende langere tijd kunnen vluchten dan wel de andere brandcompartimenten eventueel ontruimd zouden kunnen worden.

Bepalingsmethode

NEN-EN 13501-1, NEN 6065, NEN 6066, NEN 6068 en NEN 6090.

Terminologie & afkortingen

  • brandcompartiment: gedeelte van een of meer bouwwerken bestemd als maximaal uitbreidingsgebied van brand;
  • branddoorslag: zie weerstand tegen branddoorslag (WBD);
  • brandgevaarlijke stof: vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brand bevorderend is; of bij brand gevaar oplevert. in de zin van de ADR-klassen 2 tot en met 5;
  • branduitbreidingstraject: één van de trajecten waarlangs brand na een bepaalde tijd (mits voldoende brandstof en zuurstof aanwezig is) van de brandruimte in de te beschermen ruimte kan komen;
  • brandweerlift: een lift, in de eerste plaats geïnstalleerd voor regulier gebruik, die om ook geschikt te zijn voor gebruik onder directe leiding van de brandweer beschikt over:
    -  een aanvullende bescherming;
    -  een aanvullende bediening;
    -  een aanvullende signalering;
  • brandwerendheid: de laagste tijd in minuten waarbij voor een scheidingsconstructie relevante criteria niet worden overschreden, dit wordt beproefd volgens NEN 6069;
  • gevel- of dakopening: een deel van een gevel of van een dak welk deel, in de richting waarin de brandoverslag wordt beschouwd geen brandwerendheid heeft van ten minste 30 minuten;
  • nominale belasting (B): maximale belasting van een verbrandingstoestel (volgens opgave van de fabrikant) en bij een gastoestel bepaald op basis van de calorische bovenwaarde van de brandstof waarvoor dat toestel is ingericht;
  • opening: zie gevel- of dakopening;
  • perceelgrens: de grens van een perceel;
  • permanente vuurbelasting: de volgens NEN 6068 bepaalde totale verbrandingswaarde van het brandbare materiaal in constructieonderdelen dat zich in een brandcompartiment of gebouw bevindt, of het compartiment of gebouw begrenst, gedeeld door de gebruiksoppervlakte van het compartiment of het gebouw; hierbij mogen niet-dragende binnenwanden in verblijfsgebieden buiten beschouwing blijven;
  • semi-opening: een deel van een uitwendige scheidingsconstructie waarvan de brandwerendheid < 30 minuten is (bij bestaande bouw < 20 minuten) en waarvan de brandwerendheid > 5 minuten is of waarvan de brandwerendheid niet bekend is;
  • stookruimte: technische ruimte die uitsluitend is bestemd voor een of meer verbrandingstoestellen;
  • veiligheidsvluchtroute (nieuwbouw): gedeelte van een extra beschermde vluchtroute dat voert door een niet besloten ruimte en aansluitend daarop door een ruimte die uitsluitend kan worden bereikt vanuit niet besloten ruimten;
  • vluchtroute: route die begint in een voor personen bestemde ruimte, uitsluitend voert over vloeren, trappen of hellingbanen en eindigt op een veilige plaats, zonder dat gebruik behoeft te worden gemaakt van een lift;
  • vuurbelasting: de permanente + variabele vuurbelasting; dit is de totale verbrandingswaarde van het brandbare materiaal in constructieonderdelen, afbouw, inrichting en opslag dat zich in een brandcompartiment of gebouw bevindt, of het compartiment of gebouw begrenst, gedeeld door de gebruiksoppervlakte van het compartiment of het gebouw;
  • weerstand tegen branddoorslag (WBD): de tijd dat onder standaard-omstandigheden uitbreiding van brand van een ruimte binnendoor naar een andere ruimte wordt tegengehouden;
  • weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag (WBDBO):de kleinste waarde (in minuten) van:
    -  de weerstand tegen branddoorslag (WBD) tussen twee ruimten; en
    -  de weerstand tegen brandoverslag (WBO) tussen twee ruimten;
  • weerstand tegen brandoverslag (WBO): de tijd dat onder standaard omstandigheden uitbreiding van brand via de buitenlucht van een ruimte naar een andere ruimte wordt tegengehouden;
  • wegtunnel: tunnel of tunnelvormig bouwwerk uitsluitend dan wel mede bestemd voor motorrijtuigen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c, van de Wegenverkeerswet 1994.

Samenhang met andere artikelen

Afdeling 2.2 - Sterkte bij brand
Een bouwconstructie dient bij een brand, die zich in een brandfase bevindt, bestand te zijn tegen de krachten die erop werken.

Afdeling 2.8 - Beperking van het ontstaan van een brandgevaarlijke situatie
De kans dat brand kan ontstaan, beperken tot een aanvaardbaar risico.

Afdeling 2.11 - Verdere beperking van uitbreiding van brand en beperking van verspreiding van rook
Bij een eventuele brand de kans tot ernstige gevolgen tot een aanvaardbaar minimum te beperken.

Afdeling 2.12 - Vluchtroutes
Vluchten vanuit een ruimte waarvan het kenmerkende gebruik is verbonden met de aanwezigheid van personen.

Afdeling 6.6 - Vluchten bij brand, nieuwbouw en bestaande bouw
Het ontvluchten bij brand.

Afdeling 7.1 - Voorkomen van brandgevaar en ontwikkeling van brand, nieuwbouw en bestaande bouw
Het ontstaan van een brand of brandgevaarlijke situatie tot een aanvaardbaar minimum beperken.

Lid 1

Een te bouwen bouwwerk is zodanig dat de kans op een snelle uitbreiding van brand voldoende wordt beperkt.

Lid 2

Voor zover voor een gebruiksfunctie in tabel 2.81 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften.

Artikel 2.81 - Aansturingsartikel

Artikel 2.82 - Ligging

Lid 1

Een besloten ruimte ligt in een brandcompartiment.

protocol

Lid 2

Een wegtunnelbuis met lengte van meer dan 250 m ligt in een brandcompartiment.

protocol

Lid 3

Het eerste lid is niet van toepassing op:

  • een toiletruimte;
  • een badruimte;
  • een liftschacht, indien de constructieonderdelen aan de binnenzijde van de schacht voldoen aan brandklasse B en aan rookklasse s2, beide bepaald volgens NEN-EN 13501-1, en
  • een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van ten hoogste 50 m² niet bestemd voor een of meer verbrandingstoestellen met een totale nominale belasting van meer dan 130 kW.

protocol

Lid 4

In afwijking van het eerste lid voert een extra beschermde vluchtroute niet door een brandcompartiment.

protocol

Lid 5

Een niet besloten gebruiksgebied ligt in een brandcompartiment.

protocol

Lid 6

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een of meer gebruiksfuncties van dezelfde soort met een totale gebruiksoppervlakte van ten hoogste 1.000 m² en een vuurbelasting niet groter dan 500 MJ/m², bepaald volgens NEN 6090.

protocol

Lid 7

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte van niet meer dan 50 m². Deze uitzondering geldt niet indien het bouwwerk aan een of meer andere bouwwerken grenst en de gezamenlijke gebruiksoppervlakte groter is dan 50 m².

protocol

Lid 8

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een lichte industriefunctie uitsluitend bestemd voor het bedrijfsmatig telen, kweken of opslaan van gewassen of daarmee vergelijkbare producten, met een permanente vuurbelasting niet groter dan 150 MJ/m², bepaald volgens NEN 6090.

protocol

Artikel 2.83 - Omvang

Lid 1

Een brandcompartiment heeft een gebruiksoppervlakte die niet groter is dan de in tabel 2.81 aangegeven waarde.

protocol

Lid 2

In een brandcompartiment liggen ten hoogste vier woonwagens en nevenfuncties daarvan met een totale gebruiksoppervlakte van ten hoogste 1.000 m².

protocol

Lid 3

Een brandcompartiment strekt zich uit over niet meer dan een perceel.

protocol

Lid 4

Een brandcompartiment strekt zich uit over niet meer dan een wegtunnelbuis.

protocol

Lid 5

In een brandcompartiment liggen ten hoogste een woonfunctie en nevenfuncties daarvan.

protocol

Lid 6

In afwijking van het vijfde lid is een gemeenschappelijk verblijfsgebied toegestaan, indien dat verblijfsgebied een afzonderlijk brandcompartiment is.

protocol

Lid 7

Een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van meer dan 50 m² of een technische ruimte waarin een of meer verbrandingstoestellen met een totale nominale belasting van meer dan 130 kW worden opgesteld, is een afzonderlijk brandcompartiment.

protocol

Lid 8

Bij een brandcompartiment van een industriefunctie met een gebruiksoppervlakte van meer dan 1.000 m² is het eerste lid niet van toepassing op een of meer in dat brandcompartiment gelegen nevenfuncties met een totale gebruiksoppervlakte van ten hoogste 100 m².

protocol

Lid 9

In afwijking van het eerste lid is de gebruiksoppervlakte van een brandcompartiment met een of meer cellen ten hoogste 500 m² en niet groter dan 77% van de gebruiksoppervlakte van het gebouw.

protocol

Lid 10

Een brandcompartiment met bedgebied voor bedgebonden patiënten is niet groter dan 77% van de gebruiksoppervlakte van de bouwlaag waarop dit brandcompartiment ligt.


Lid 11

Een technische ruimte is een afzonderlijk brandcompartiment.

protocol

Artikel 2.84 - Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag

Lid 1

De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment, naar een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert, naar een niet besloten veiligheidsvluchtroute en naar een liftschacht van een brandweerlift is ten minste 60 minuten.

protocol

Lid 2

In afwijking van het eerste lid kan tussen een brandcompartiment en een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert worden volstaan met 30 minuten.

protocol

Lid 3

In afwijking van het eerste lid kan worden volstaan met 30 minuten indien:

  • de volgens NEN 6090 bepaalde permanente vuurbelasting van het brandcompartiment niet groter is dan 500 MJ/m², en
  • in het gebouw geen vloer van een verblijfsgebied hoger ligt dan 7 m boven het meetniveau.

protocol

Lid 4

In afwijking van het eerste lid kan worden volstaan met 30 minuten indien:

  • de in het eerste lid bedoelde besloten ruimten op hetzelfde perceel liggen, en
  • in het gebouw geen vloer van een gebruiksgebied hoger ligt dan 5 m boven het meetniveau.

protocol

Lid 5

Het vierde lid is niet van toepassing op een brandcompartiment met een gebruiksoppervlakte van meer dan 1.000 m².

protocol

Lid 6

Het vierde lid is niet van toepassing op een technische ruimte.

protocol

Lid 7

Het tweede tot en met vierde lid gelden niet voor een ruimte waardoor een veiligheidsvluchtroute voert.

protocol

Lid 8

Bij het bepalen van de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ruimte van een op een aangrenzend perceel gelegen gebouw wordt voor het op het andere perceel gelegen gebouw uitgegaan van een identiek maar spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelsgrens gelegen gebouw. Indien het perceel grenst aan een openbare weg, openbaar water, openbaar groen, of een perceel dat niet is bestemd voor bebouwing of voor een speeltuin, een kampeerterrein of opslag van brandgevaarlijke stoffen of van brandbare niet milieugevaarlijke stoffen vindt deze spiegeling plaats ten opzichte van het hart van die weg, dat water, dat groen of dat perceel.

protocol

Lid 9

De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een woonwagen naar een andere woonwagen is ten minste 30 minuten. Bij de bepaling van deze weerstand wordt uitgegaan van een identieke maar spiegelsymmetrisch op een afstand van 5 m geplaatste woonwagen.

protocol

Lid 10

De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment is ten minste 30 minuten of de afstand tussen een brandcompartiment en een ander brandcompartiment is ten minste 5 meter.

protocol

Lid 11

In afwijking van het eerste lid geldt geen weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van ten hoogste 50 m² niet bestemd voor een of meer verbrandingstoestellen met een totale nominale belasting van meer dan 130 kW.

protocol

Artikel 2.85 - Verbouw


Op het gedeeltelijk vernieuwen of veranderen of het vergroten van een bouwwerk zijn de artikelen 2.82 tot en met 2.84 van overeenkomstige toepassing, waarbij in plaats van het in die artikelen aangegeven niveau van eisen wordt uitgegaan van het rechtens verkregen niveau en een weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van ten minste 30 minuten.

protocol


tabel 2.81 - toelichting

toelichting

toelichting

toelichting

toelichting

tabel 2.81 - tabel 2.87 - toelichting -

Artikel 2.86 - Tijdelijke bouw


Op het bouwen van een tijdelijk bouwwerk zijn de artikelen 2.82 en 2.83 van toepassing en is artikel 2.84 van overeenkomstige toepassing waarbij de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag ten minste 30 minuten is.

toelichting

Artikel 2.88 - Ligging

Lid 1

Een besloten ruimte ligt in een brandcompartiment.

Lid 2

Een wegtunnelbuis met een tunnelbuislengte van meer dan 250 m ligt in een brandcompartiment.

Lid 3

Het eerste lid is niet van toepassing op:

  • een toiletruimte;
  • een badruimte;
  • een liftschacht, indien de constructieonderdelen aan de binnenzijde van de schacht voldoen aan een volgens NEN 6065 bepaalde bijdrage tot brandvoortplanting die voldoet aan klasse 2 en een rookproductie met een volgens
    NEN 6066 bepaalde rookdichtheid van ten hoogste 5,4 m-1, of aan brandklasse B en rookklasse s2, beide bepaald volgens NEN 13501-1, en
  • een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van ten hoogste 100 m² niet bestemd voor een of meer verbrandingstoestellen met een totale nominale belasting van meer dan 160 kW.

Lid 4

In afwijking van het eerste lid voert een extra beschermde vluchtroute niet door een brandcompartiment.

Lid 5

Een niet besloten gebruiksgebied ligt in een brandcompartiment

Lid 6

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een of meer gebruiksfuncties van dezelfde soort met een gebruiksoppervlakte van ten hoogste 2.000 m² en een vuurbelasting niet groter dan 500 MJ/m², bepaald volgens NEN 6090.

Lid 7

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een of meer gebruiksfuncties van dezelfde soort met een totale gebruiksoppervlakte van ten hoogste 100 m².

Lid 8

Het eerste en vijfde lid zijn niet van toepassing op een lichte industriefunctie met een permanente vuurbelasting niet groter dan 200 MJ/m², bepaald volgens NEN 6090.

toelichting

Artikel 2.89 - Omvang

Lid 1

Een brandcompartiment heeft een gebruiksoppervlakte die niet groter is dan de in tabel 2.87 aangegeven waarde.

Lid 2

In een brandcompartiment liggen ten hoogste vier woonwagens en nevenfuncties daarvan met een totale gebruiksoppervlakte van ten hoogste 1.000 m².

Lid 3

Een brandcompartiment strekt zich uit over niet meer dan een perceel.

Lid 4

Een brandcompartiment strekt zich uit over niet meer dan een wegtunnelbuis.

Lid 5

In een brandcompartiment liggen ten hoogste een woonfunctie en nevenfuncties daarvan.

Lid 6

In afwijking van het vijfde lid is een gemeenschappelijk verblijfsgebied toegestaan, indien dat verblijfsgebied een afzonderlijk brandcompartiment is.

Lid 7

Een technische ruimte met een gebruiksoppervlakte van meer dan 100 m² of een technische ruimte waarin een of meer verbrandingstoestellen met een totale nominale belasting van meer dan 160 kW worden opgesteld, is een afzonderlijk brandcompartiment.

Lid 8

Bij een brandcompartiment van een industriefunctie met een gebruiksoppervlakte van meer dan 2.000 m² is het eerste lid niet van toepassing op een of meer in dat brandcompartiment gelegen nevenfuncties.

Lid 9

In afwijking van het eerste lid is de gebruiksoppervlakte van een brandcompartiment met een of meer cellen ten hoogste 1.000 m² en niet groter dan 77% van de gebruiksoppervlakte van het gebouw.

Lid 10

Een brandcompartiment met bedgebied voor bedgebonden patiënten is niet groter dan 77% van de gebruiksoppervlakte van de bouwlaag waarop dit brandcompartiment ligt.

toelichting

Artikel 2.87 - Aansturingsartikel

Lid 1

Een bestaand bouwwerk is zodanig dat de kans op een snelle uitbreiding van brand voldoende wordt beperkt.

Lid 2

Voor zover voor een gebruiksfunctie in tabel 2.87 voorschriften zijn aangewezen, wordt voor die gebruiksfunctie aan de in het eerste lid gestelde eis voldaan door toepassing van die voorschriften.

tabel 2.87 - toelichting

Artikel 2.90 - Weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag

Lid 1

De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment en een besloten ruimte waardoor een extra beschermde vluchtroute voert is ten minste 20 minuten.

Lid 2

Bij het bepalen van de weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ruimte van een op een aangrenzend perceel gelegen gebouw wordt voor het op het andere perceel gelegen gebouw uitgegaan van een identiek maar spiegelsymmetrisch ten opzichte van de perceelsgrens gelegen gebouw. Indien het perceel grenst aan een openbare weg, openbaar water of openbaar groen, of een perceel dat niet is bestemd voor bebouwing of voor een speeltuin, een kampeerterrein of opslag van brandgevaarlijke stoffen vindt deze spiegeling plaats ten opzichte van het hart van die weg, dat water, dat groen of dat perceel.


Lid 3

De volgens NEN 6068 bepaalde weerstand tegen branddoorslag en brandoverslag van een brandcompartiment naar een ander brandcompartiment is ten minste 20 minuten of de afstand tussen een brandcompartiment en een ander brandcompartiment is ten minste 5 meter.

toelichting